Vergelijking van drie verschillende converged appliances

Geschreven door

Tom van Gramberen
31/08/2017

Wereldwijd wordt er 300 miljard dollar uitgegeven om IT-infrastructuur staande te houden, zonder meer. De time-to-value van IT stijgt er niet door, de kosten zakken evenmin. Met converged appliances lukt dat wel, vooral door de automatisering van een aantal taken. Server, opslag, virtualisatie en besturingssysteem werken dan als één geheel. Heel wat vendors bieden zo’n appliance aan, al kunt u die ook zelf samenstellen. Dat kost u volgens onderzoeksbureau Wikibon tot twee derde van de equiperingskost. Maar hun TCO-analyse vertelt een heel ander verhaal…

Vergelijking van drie converged appliances

Hoe minder fabrikanten in uw converged appliance, hoe groter de kostenbesparing tegenover een traditionele IT-infrastructuur. Volgens Wikibon verkort de installatietijd met drie kwart omdat de technologieën vooraf op elkaar zijn afgesteld. Bovendien kunnen IT-beheerders veel sneller toepassingen installeren omdat zo’n geconvergeerd toestel de gehele provisioning en orkestratie van toepassingen automatiseert.

Wikibon vergelijkt in zijn onderzoek drie appliances met hoofdzakelijk Microsoft-technologie: Exchange, SharePoint, Active Directory en een mengeling van SQL Server en MySQL databaseservers. De eerste appliance is zelf samengesteld (een zogenaamde white box), met VMware voor de servervirtualisatie. De tweede is een combinatie van Lenovo en Nutanix voor respectievelijk server en storage. Ook hier orkestreert VMware de virtualisatie. Voor de derde deelnemer levert Lenovo de servertechnologie, en zorgt Nutanix met zijn Acropolis-software voor zowel de storage als de virtualisatie.

Het zelfgebouwde toestel hebt u al voor zo’n 40.000 dollar, de twee anderen blijven met respectievelijk 152.000 en 159.000 dollar in elkaars buurt. Als u daar echter operationeel beheer tegenover zet, bent u die voorsprong al snel kwijt. Ook de installatiekosten zijn tienduizenden dollars lager. De Lenovo-Nutanix-Acropolis-combinatie wint het ten slotte op virtualisatie: geen bijkomende VMware-licentiekost, terwijl die bij de white box op 115.000 dollar staat en bij de tweede appliance op 80.000 dollar.

Een betere score op vlak van prijs en snelheid

De totale kost over drie jaar zakt daardoor van 340.000 dollar voor de white box naar 290.000 dollar voor de Lenovo-Nutanix met VMware, en naar 205.000 dollar voor Lenovo-Nutanix met Acropolis. De in aanschaf duurste oplossing is dus de efficiëntste: minder kosten voor onderhoud, beheer, virtualisatie en installatie.

converged-appliances-01

Wikibon maakt ook een analyse van de time-to-value: hoe snel krijgt u de applicatie draaiende en kunnen de medewerkers er waarde uit puren? Voor de white box moet u hiervoor op zo’n veertig dagen rekenen. De andere oplossingen zijn met respectievelijk tien en zeven dagen heel wat sneller. Ook hier scoort de formule met Acropolis het beste. Infrastructuurprojecten hoeven niet langer maanden of weken te duren. Als u sneller toepassingen kunt activeren, wordt de business wendbaarder. Maar het is niet omdat de componenten goedkoop zijn dat heel uw oplossing kostenefficiënt is.
 

Kosten verlagen met converged appliances?


Gerelateerde artikels

Alle blog artikelen